Huurling of Herder?
Na een uitstapje gemaakt te hebben naar de Psalmen, met als hoofdthema het prijzen van God, gaan we nu weer terug naar Johannes 10. Naar U Heer Jezus, de Deur en de Goede Herder, die het zo waard is geprezen en aanbeden te worden.
We zijn gebleven bij vers 12 van hoofdstuk 10 waar U verder uitlegt wat U bedoelt met deze gelijkenis over schapen, de schaapskooi en de herder. Dit is wat U daarover vanaf vers 12 zegt:
Johannes 10:12-15 BOEk
Een ingehuurde knecht laat de schapen in de steek zodra hij een wolf ziet aankomen. Want hij is de herder niet. De schapen zijn niet van hem. De wolf pakt er een en jaagt de anderen uiteen.
Zo’n herdersknecht denkt alleen maar aan zichzelf. Het interesseert hem niet wat er met de schapen gebeurt.
Ik ben de goede herder. Ik ken mijn schapen en zij kennen Mij, zoals Ik de Vader ken en Hij Mij kent. Ik geef Mijn leven voor Mijn schapen.
Een ingehuurde knecht die niet bepaald zuinig is op de schapen die hij onder zijn hoede heeft. Hij zorgt ervoor, omdat hij er geld voor krijgt, maar daar houdt het ook mee op. Zodra het te heet wordt onder zijn voeten gaat hij er vandoor. Zijn eigen hachje is belangrijker dan die van de schapen. Daarmee geeft hij de wolven vrij spel.
Ziehier de tactiek van satan. Huurlingen inzetten in plaats van herders. Dat geeft hem vrijspel. Als de huurling er vandoor gaat neemt hij één schaap te grazen en jaagt de anderen uit elkaar.
Een herder zal er echter alles aan doen om de kudde bij elkaar te houden en te beschermen. Daar heeft hij zelfs zijn leven voor over als dat nodig is. Koning David is daar een goed voorbeeld van. Als er een leeuw of een beer opdook die een lam greep, dan ging hij er achteraan met een stok om het lam te bevrijden. Werd hij zelf aangevallen, dan greep hij hem bij de kaak en sloeg hem dood. Daarom was hij ook niet bang voor Goliath. De Heer beschermde hem tegen de klauwen van leeuwen en beren en zou hem ook beschermen tegen Goliath. Lees maar in 1 Samuël 17.
David kende de Goede Herder en was daarom zelf ook een goede herder. Daarom dat God hem uitkoos om Zijn volk te weiden.
Psalm 78:70-72 Boek
Zijn knecht David koos Hij uit
en haalde hem weg achter de schapen.
Hij hoefde geen schapen meer te weiden,
maar nu een volk.
Het volk van Jakob, Israël, werd zijn nieuwe kudde.
David weidde het volk met een oprecht hart
en gaf hun kundig leiding.
Zie hier de drie kenmerken van een goede herder:
- Hij weidt.
- Heeft een oprecht hart.
- Geeft kundig leiding.
Hoe anders zijn de kenmerken van een slechte herder aan wie je niets hebt, een huurling. Zacharia beschrijft deze kenmerken in hoofdstuk 11 vanaf vers 16.
- Hij kijkt niet om naar stervende schapen.
- Hij zoekt niet naar weggelopen schapen.
- Gewonde schapen probeert hij niet te genezen.
- Uitgeputte schapen verzorgt hij niet.
- Vette schapen eet hij op en rukt ze de hoeven af.
- Hij laat de schapen in de steek.
U, Heer Jezus, bent de Goede Herder voor de hele mensheid en heeft dat laten zien in Uw leven op aarde. U zag om naar de mensheid, voor wie sterven het lot was. U zocht mensen die de weg kwijt waren. U genas al de zieken die bij U kwamen. Uitgeputte mensen konden bij U komen om tot rust te komen. U bent zelf verslonden, zodat wij niet verslonden zouden worden. U laat ons nooit in de steek.
Waar zijn de vaders en moeders die zo’n herder zijn voor hun kinderen? De leraren en docenten die zo’n herder zijn voor hun leerlingen? De ondernemers die zo’n herder zijn voor hun personeel? De burgemeester en wethouders die zo’n herder zijn voor hun stad? De regering die zo’n herder is voor het volk? De kerkleiders die zo’n herder zijn voor de gelovigen?
Te vaak zien we dat de wolf, de duivel, vrij spel heeft. Ik heb het in mijn eigen familie gezien. Hij neemt er één te grazen en jaagt de rest uit elkaar. Dat gebeurt in families, op scholen, in bedrijven, gemeenteraden en regeringen. Tenzij er herders zijn die in de leerschool van de Goede Herder hebben gezeten en het belang van hun medemens hoger achten dan hun eigen belang. Die goed zijn voor hun medemens, met een oprecht hart dienstbaar zijn en kundig leiding geven.
Op 26 juli 1581 heeft Willem van Oranje, samen met de Staten-Generaal van de Verenigde Nederlanden, middels de Acte der Verlatinghe, afscheid genomen van de huurling die nog officieel te boek stond als de landsheer van de Nederlanden, Filips II, koning van Spanje. Hij tiranniseerde de Nederlanden en dat moest stoppen. Het is onze onafhankelijkheidsdag.
Het begin van de Acte der Verlatinghe laat zien hoe Willem van Oranje en de Staten-Generaal wilden dat ons land bestuurd zou worden. Met die woorden sluit ik deze overdenking af en bid ik dat Nederland zal kiezen voor herders in plaats van huurlingen.
Het is algemeen bekend dat een vorst voor een land door God tot hoofd van zijn onderdanen is aangesteld om deze te beschermen en te bewaren voor alle onrechtvaardigheid, schade en geweld, zoals een herder zijn schapen moet beschermen, en dat de onderdanen niet door God geschapen zijn ten behoeve van de vorst ….om hem als slaven te dienen. Integendeel, de vorst is er ter wille van de onderdanen, zonder welke hij geen vorst is, om hen rechtvaardig en verstandig te regeren en te verdedigen, en hen lief te hebben zoals een vader zijn kinderen en een herder zijn schapen; hij zet zijn lichaam en leven op het spel om hen te beschermen.
Reacties
Een reactie posten