Posts

Jouw geloof

Hebreeën 11:1-3. Waar hoop jij op en wat zie je niet, maar is wel waarheid in je leven? Dat is jouw geloof. 1  Het geloof legt de grondslag voor alles waarop we hopen, het overtuigt ons van de waarheid van wat we niet zien. 2  Om hun geloof werden de mensen uit vroeger tijden geprezen. 3  Door geloof komen we tot het inzicht dat de wereld door het woord van God geordend is, dat dus het zichtbare is ontstaan uit het niet-zichtbare.

Wederkomst

Hebreeën 10:32-39. Hoe kun jij er voor zorgen dat jij en anderen niet terugdeinzen op het moment dat Jezus terug komt? 32  Herinner u de dagen van weleer, toen u, door het licht beschenen, in een moeizame worsteling met het lijden hebt standgehouden: 33  enerzijds kreeg u publiekelijk smaad en beproevingen te verduren, anderzijds was u solidair met hen die hetzelfde moesten doormaken. 34  U hebt meegeleefd met de gevangenen onder u, en toen u van uw bezittingen beroofd werd, hebt u dat in vreugde aanvaard, in de wetenschap dat u iets beters bezit, een blijvend bezit voor uzelf. 35  Leg die onbeschroomdheid dus niet af, u zult er ruim voor worden beloond. 36  Blijf juist volharden, want als u de wil van God doet, zult u ontvangen wat u beloofd is. 37  Immers: ‘Nog een heel korte tijd, dan komt hij die komen zal, hij blijft niet lang meer weg, 38  en dan zullen mijn rechtvaardigen leven door hun geloof,’ maar ook: ‘Wie terugdeinst ben ik niet lan...

Overwinning

Psalm 20. Hoe is het om bij de overwinnaars te horen en wat is je houding t.o.v. de verliezers? 1  Voor de koorleider. Een psalm van David.   2  Moge de HEER u antwoorden in dagen van nood en de naam van Jakobs God u beschermen, 3  moge hij hulp zenden uit zijn heiligdom, uit Sion u bijstaan.   4  Moge hij al uw gaven gedenken, uw brandoffers welwillend aanvaarden, sela 5  moge hij geven wat uw hart verlangt, en al uw plannen doen slagen.   6  Laat ons juichen om uw overwinning , het vaandel heffen, in de naam van onze God. Moge de HEER al uw wensen vervullen.   7 Dit weet ik zeker: de HEER schenkt de overwinning aan zijn gezalfde, hij antwoordt hem uit zijn heilige hemel met de overwinning door zijn machtige hand.  8  Anderen vertrouwen op paarden en wagens, wij op de naam van de HEER , onze God. 9  Anderen buigen en vallen ter aarde, wij ...

Huiveringwekkend

Hebreeën 10:26-31. Hoe kun je voorkomen dat je als christen huiverend moet wachten op het oordeel van God? 26  Wanneer we willens en wetens blijven zondigen nadat we de waarheid hebben leren kennen, is er geen enkel offer voor de zonden meer mogelijk, 27  en kunnen we niet anders dan huiverend wachten op het oordeel en op het vuur dat de tegenstanders gretig zal verslinden. 28  Voor wie de wet van Mozes naast zich neerlegt is er geen pardon; wanneer er ten minste twee getuigen een verklaring tegen hem afleggen, moet hij sterven. 29  Hoeveel zwaarder zal dan de straf niet zijn, denkt u, voor wie de Zoon van God vertrapt, het bloed van het verbond ontheiligt – terwijl hij erdoor geheiligd is – en de Geest van de genade veracht? 30  We kennen immers degene die gezegd heeft: ‘Het is aan mij om te wreken, ik zal vergelden,’ en ook: ‘De Heer zal oordelen over zijn volk.’ 31  Huiveringwekkend is het te vallen in de handen van de levende God!

Laten we

Hebreeën 10:19-25. Welke aansporing(en) uit dit gedeelte heb jij nodig,wat ga je er mee doen en waarom? 19  Broeders en zusters, dankzij het bloed van Jezus kunnen we zonder schroom binnengaan in het heiligdom, 20  omdat hij voor ons met zijn lichaam een weg naar een nieuw leven gebaand heeft, door het voorhangsel heen. 21  We hebben nu een hogepriester die dienstdoet in het huis van God; 22   laten we God dan naderen met een oprecht hart en een vast geloof, nu ons hart gereinigd is, wij van een slecht geweten bevrijd zijn en ons lichaam met zuiver water is gewassen. 23   Laten we zonder te wankelen datgene blijven belijden waarop we hopen, want hij die de belofte heeft gedaan is trouw. 24   Laten we opmerkzaam blijven en elkaar ertoe aansporen lief te hebben en goed te doen, 25  en in plaats van weg te blijven van onze samenkomsten, zoals sommigen doen, elkaar juist bemoedigen, en dat des te meer naarmate u de dag van zijn komst ziet nadere...

Heiligen

Hebreeën 10:11-18. Hoe kijkt God tegen jouw zonden aan als je geheiligd bent door Jezus? 11  De priesters blijven dagelijks hun dienst verrichten en steeds opnieuw dezelfde offers opdragen die de zonden nooit teniet zullen kunnen doen, 12  terwijl hij, na zijn eenmalig offer voor de zonden, voorgoed zijn plaats aan Gods rechterhand heeft ingenomen, 13  waar hij wacht op het moment dat zijn vijanden voor hem tot een bank voor zijn voeten zijn gemaakt. 14  Door deze ene offergave heeft hij hen die zich door hem laten heiligen voorgoed tot volmaaktheid gebracht. 15  Hiervan legt ook de heilige Geest voor ons getuigenis af, want eerst staat er: 16  ‘Dit is het verbond dat ik na die tijd met het volk van Israël zal sluiten – spreekt de Heer: In hun hart zal ik mijn wetten leggen, in hun verstand zal ik ze neerschrijven,’ 17  en even verder staat er: ‘Aan hun zonden en hun wetteloosheid zal ik niet meer denken.’ 18  Waar dat alles vergeven is...

Wil

Hebreeën 10:1-10. Wat heeft Jezus voor jou gedaan door zijn wil af te stemmen op die van God en waar stem jij je wil op af? 1  Omdat de wet slechts een voorafschaduwing toont van al het goede dat nog komen moet en daarvan niet de gestalte zelf laat zien, heeft hij ook niet de kracht om degenen die jaar in jaar uit met steeds dezelfde offers aan de dienst deelnemen ooit tot volmaaktheid te brengen. 2  Anders zouden die offers allang niet meer gebracht worden; degenen die aan de dienst deelnemen, zouden immers als ze eenmaal gereinigd zijn geen enkel zondebesef meer hebben. 3  Het tegendeel is echter waar: elk jaar worden met dezelfde offers de zonden weer in herinnering geroepen – 4  bloed van stieren en bokken kan mensen onmogelijk van hun zonden bevrijden. 5  Daarom zegt Christus bij zijn komst in de wereld: ‘Offers en gaven hebt u niet verlangd, maar u hebt mij een lichaam gegeven; 6  brand- en reinigingsoffers behaagden u niet. 7 ...